Hoofdnavigatie
- Praktische informatie over
- Naar het loket of meldpunt
- Actualiteiten
- Wat is er te doen in Zuidoost
- Ontdek Zuidoost als
- Maak kennis met de politiek
- Zuidoost werkt aan
- Ondernemen
- Volg het beleid
Bewoners van Zuidoost vertellen hoe zij persoonlijk betrokken zijn geraakt bij de aanpak van huiselijk geweld in het stadsdeel.
Amanda Uzor, publicist: “Ik ben opgegroeid in een gemeenschap waar vrouwen dagelijks onderdrukt werden. In Nigeria zit dat in de traditie, in de religie ook trouwens. In mijn familie speelde die onderdrukking niet. Mijn vader was een belangrijke advocaat. Voor hem waren jongens en meisjes gelijk. Maar buiten ons gezin was dat heel anders en ik werd als vrouw vaak geconfronteerd met een tweederangs positie. Ik kon studeren en ik specialiseerde me in vrouwenrechten. In Dakar, Senegal werkte ik bij UNESCO. Ik zag daar zoveel jonge vrouwen op straat, vaak zwanger of met een klein kind. Ze zaten in een vreselijke situatie. Ze hielden zich in leven met bedelen, prostitutie en huishoudelijk werk. Met steun van de Amerikaanse en Nigeriaanse ambassades hebben we daar vanuit stichting MAFED een opvanghuis kunnen realiseren.
In Nigeria grijpt de politie nooit in bij familie problemen, dat is zelfs expliciet niet de bedoeling. Als bijvoorbeeld op aandringen van een machtig persoon toch eens een man wordt opgepakt, dan krijgt die een stevige aframmeling (stokslagen) en wordt weer vrijgelaten. De redenering is: als hij zou worden vastgezet, wie is er dan om het gezin in leven te houden? Zo zie je dat voor Nigerianen (huiselijk) geweld eigenlijk heel gewoon is.
Vaak wordt aangeleerd gewelddadig gedrag doorgegeven aan de kinderen. Afrikaanse moeders hebben bijvoorbeeld de neiging hun kinderen orders te geven, er ligt veel nadruk op gehoorzaamheid. Het is wel begrijpelijk want in Afrika heeft een gewoon gezin het zo druk met overleven, er is gewoon geen tijd voor gepraat en overleg. Hier in Nederland is dat toch anders. Iedere Afrikaanse vrouw die in Nederland verblijft, moet haar rechten kennen en weten dat in dit land huiselijk geweld gewoon verboden is bij de wet.
Amanda Uzor is publicist en oprichtster van MAFED International, een nonprofit organisatie voor advies en actievoering op het gebied van mensenrechten voor Afrikaanse vrouwen en
Kinderen. Meer informatie: www.mafed-foundation.org
__________________________________________________
Djenie Badal, adviseur: “Iedereen lijkt te weten wat huiselijk geweld inhoudt. Maar vaak wordt alleen gedacht aan de extreme vormen van lichamelijk geweld. Andere dingen vindt men er vaak gewoon bij horen, zoals herhaaldelijk kleineren, knijpen, een oor draaien (bij straf van kinderen), schreeuwen etc. En ook geestelijke mishandeling, zoals herhaaldelijk benoemen wat iemand (kinderen) fout doet. Het is allemaal huiselijk geweld. Geweld beperkt de vrijheid die slachtoffers hebben om binnen het gezin hun eigen keuzes te maken, hun eigen mening te hebben en zich te kunnen ontplooien zoals zij dat willen.
Verandering kan plaatsvinden door voorlichting en door erover te praten. Pas door herkenning van het gedrag en door druk uit de omgeving, zal een mentaliteitsverandering kunnen ontstaan.”
Djenie Badal, werkt voor ACB kenniscentrum, een non-profit organisatie die de gelijkwaardige deelname van allochtonen aan het maatschappelijk verkeer bevordert. Meer informatie: www.acbkenniscentrum.nl.
_________________________________________________
Msizi Dube, predikant: ‘Vanuit de religie en traditie van de Afrikaanse gemeenschap wordt huiselijk geweld nog te vaak als legitiem gezien, als ‘recht van de man'. Maar religie en traditie mogen niet misbruikt worden om andere te onderdrukken. Iedere predikant moet binnen zijn kerk aandacht besteden aan het doorbreken van het taboe rond huiselijk geweld: "We have to break the silence".
De Afrikaanse gemeenschap kijkt niet met westerse ogen. Ook al gaat het om christenen, je moet begrijpen hoe gedacht wordt over traditionele, volkse aspecten van religie zoals voorouderverering, Voodoo, Winti en Juju.
Onderdrukkende religieuze tradities en de vaak moeilijke omstandigheden waar wij Afrikaanse migranten in verkeren, maken dat wij de mensen van wie we het meeste houden, onze vrouwen en kinderen, kwetsen. Wij Afrikaanse mannen moeten hier heel erg goed op letten en ons bewust worden van het geweld wat we onze naasten soms aandoen. "We hurt who we love most".
Als het gaat om huiselijk geweld is het belangrijk om de familieleden niet te dwingen afstand te nemen van de man. Wel moeten we iedereen bewust maken van zijn of haar rechten als mens. Binnen de Afrikaanse traditie komt de vrouw nog vaak op de tweede plaats, dus we doen veel aan empowerment.
De Afrikaanse en Europese cultuur kunnen van elkaar leren. Afrikanen kunnen veel leren van de openheid en de mondigheid van de Europeanen. Omgekeerd heeft het Afrikaanse systeem van hiërarchie en respect voor ouderen een grote betekenis in het vreedzaam oplossen van conflicten. Hier zou de Europese cultuur meer naar moeten kijken.
Msizi Dube is predikant bij de African Methodist Episcopal Church en leidt het Don Bosco project in Zuidoost. Dube studeerde theologie, psychologie en gezinstherapie.
_________________________________________________
Eddy Meyer, fractievoorzitter VVD Zuidoost: ‘Als ik over gevallen van huiselijk geweld hoor, dan word ik boos en een beetje verdrietig. Vanuit de maatschappij sta je machteloos. Er kan alleen achteraf ingegrepen worden. De oorzaken liggen voor het belangrijkste deel in de opvoeding. Tijdens de opvoeding moet je sociale vaardigheden aanleren. Door vakken als muziek, toneel en dans en door sportactiviteiten kan het vermogen om samen te werken en te overleggen en inlevingsvermogen ontwikkeld worden. Het doorbreken van een vicieuze cirkel van geweld in huis, die generatie op generatie wordt overgedragen is lastig.
Mensen moeten opgroeien als zelfredzame individuen. Door opleiding en werk moet iedereen zelfstandig kunnen functioneren en niet afhankelijk zijn van anderen. Ieder mens is gelijkwaardig. Jongens moeten leren dat zij niet superieur zijn binnen het huwelijk en de maatschappij. De slachtoffers ontberen het vermogen weerstand te bieden en zelfrespect om de situatie te beëindigen. Als binnen relaties geweld normaal wordt, dan is er geen sprake meer van een volwaardige relatie. Als men vanuit geloof of cultuur geweld binnen het gezin aanvaardbaar vindt en scheiden verbiedt, dan vind ik dat verwerpelijk.
Vanuit het stadsdeelbeleid proberen we zoveel mogelijk de misstanden aan het licht te krijgen en actief in te grijpen.’
Meer informatie: www.vvdzuidoost.nl
_________________________________________________
Elsey Blijd, ex-leerkracht / maatschappelijk werker: ‘Ik was leerkracht in Suriname en ik zag tijdens mijn werk kinderen waarmee het scheef ging. Bijvoorbeeld een kind dat mank op school kwam. Dat bleek te komen door gewelddadig optreden van de moeder. Ik ging praten thuis, en trof een zwaar gefrustreerde vrouw aan. Haar man was alcoholist, dat was een enorme belasting voor het gezin, waar het kind de dupe van werd. Ik kon destijds nog niet zoveel doen. Later ben ik gaan werken als maatschappelijk werker, waarbij ik regelmatig opvang voor een kind regelde buiten het gezin, totdat de situatie verbeterde.
Bij Stichting De Doorzetters krijgen we heel wat schrijnende gevallen te zien van vrouwen die te maken hebben met een gewelddadige thuissituatie. Met name ook uit de groep vrouwen zonder verblijfsvergunning. Als er iets mis gaat thuis, zijn deze vrouwen voor de haaien geworpen. Er speelt ook veel schaamte, zeker ook als er dreiging is om uit huis gezet te worden. Voor deze groep is de stap heel groot om hulp van buiten in te roepen. Wat we op dit moment doen, is toch hulp zien te regelen, meestal door de kerk in te schakelen.
Het is heel positief en zeer noodzakelijk dat jongeren betrokken worden bij deze zaak. Ik zie ook dat jongeren elkaar opvang en steun geven. Daarvoor is durf nodig, zowel bij de ontvanger als de gever van hulp. Ik vind het een mooie ontwikkeling in ons stadsdeel dat we nu ook de jongeren gaan bereiken.
Elsey Blijd is oprichtster van Stichting "De Doorzetters", gericht op de maatschappelijke participatie van vrouwen. In het radioprogramma Tijd voor de Doorzetters besteedt zij regelmatig aandacht aan het onderwerp huiselijk geweld. Meer info: www.vec-amsterdam.nl.
_________________________________________________
“Wat is het allerbelangrijkste uitgangspunt bij opvoeding? Een kind heeft recht op bestaansgrond. Dat wil zeggen: het is gepland, gewenst en geaccepteerd.”

Evert Muntslag, pedagoog
|
Drs. E. Muntslag is publicist, pedagoog en onderwijskundige
Opvoeding en gedrag van kinderen Leuk, zo’n baby’tje helemaal van jezelf. Toch? Wat komt er eigenlijk kijken bij de opvoeding van een kind? Enkele richtlijnen. Als jongere groei je op en word je verliefd. Ik zeg er maar gauw bij dat verliefd-zijn een houdbaarheidsdatum heeft van twee à drie jaar en dan overgaat in houden-van. Het gaat lekker, de seks is goed en als stel doe je samen leuke dingen: uitgaan, uit eten, naar de bios, op vakantie. Je gaat samenwonen. ‘We kiezen voor elkaar en blijven bij elkaar’: jullie worden (al dan niet juridisch) een echtpaar. Bij (echt)paar staat je relatie centraal. Neem je de stap dat je een kind wilt, dan blijf je een echtpaar en de rol van ouderpaar (vader/moeder) komt erbij. Er is nu sprake van twee componenten, echtpaar met als aandachtspunt je relatie en ouderpaar met als centrale functie opvoeden. Wat is belangrijk bij de overgang van echtpaar naar ouderpaar? Dat je als aanstaande moeder en vader voorpedagogische noties hebt, dat wil zeggen dat je enig idee hebt hoe je jullie kind samen wilt opvoeden en je visies op elkaar afstelt. Natuurlijk kun je niet alles van tevoren bespreken, maar toch meer dan je denkt. Maar eerst even over wat er gebeurt als je niet met elkaar hebt overlegd en niets op elkaar hebt afgestemd. Dan maak je al gauw ruzies in het bijzijn van jullie kind en dat is emotioneel belastend voor je kind. ‘Blijven mijn ouders wel bij elkaar en zo niet: what about me?’ Je kind denkt:‘Mijn ouders weten het niet, dus ik kan mijn eigen gang gaan’. Kinderen maken misbruik van jullie gebrek aan één lijn. ‘Als moeder het niet wil, dan ga ik toch naar vader’. Ze spelen ouders tegen elkaar uit. ‘Maar van papa mocht ik wèl’. Hoe komen we aan die voorpedagogische noties? Moeten we dikke, ingewikkelde boeken openslaan? Prima, je kunt naar de bibliotheek gaan (trouwens, dunne boeken mogen ook). Maar bedenk: je bent zelf ook opgevoed. Praat erover met elkaar en doe aan zelfreflectie. Hoe ging het er in je eigen jeugd aan toe? Pakte dat goed uit? En wanneer niet? ‘Nou, dat moest ik vroeger niet flikken!’ Ouders hebben het in hun opvoedkundig denken vaak automatisch over hoe ze zelf door hun eigen ouders hard werden aangepakt. ‘Als ik te laat was, kwam ik er niet meer in!’ ‘Als ik mijn kleren niet opruimde, gooide mijn vader mijn kleren het raam uit. Mijn dure merkkleding verpest’. En nou ik weer: Denk nou eens heel diep na, vond je dat prettig? En is die aanpak nou navolgenswaardig voor je eigen kinderen: wil je het ook zo doen? Nee dus! Hoe wil je het dan anders? Of wat vond je fijn en wil je dus hetzelfde doen. Wat is het allerbelangrijkste uitgangspunt bij opvoeding? Een kind heeft recht op bestaans-grond dat wil zeggen: het is gepland, gewenst en geaccepteerd. Heeft een kind geen bestaansgrond dan is alles te veel gevraagd: knuffelen, problemen kunnen verdragen, kortom dan wordt de opvoeding niet positief, maar negatief ingekleurd. Wetenschappelijk is vastgesteld dat vrouwen eerder een kind willen. De man volgt vaak pas minstens een jaar later. Een onverwachte liefdesbaby: het klinkt zo romantisch! Zorg liever dat je in het willen en in het ook daadwerkelijk aan het kind beginnen, gelijk loopt. Is het allemaal niet zoals bovenbeschreven verlopen en ben je alleenstaande moeder? Bedenk dan dat bestaansgrond ook inhoudt dat je je kind vertelt wie de vader is en waarom die er niet is. Moeilijk allemaal, maar het zal wel moeten. Wil je dat je kind het van een ander hoort?! Dan wordt het vertrouwen van je kind in jou als ouder ernstig geschonden. Je kind vraagt zich af: wat is er in mijn leven nog meer onwaar en verborgen of niet onthuld? Begin al in een vroeg stadium te praten over jezelf en hoe familie van beide kanten in elkaar steekt. Waar moet je nog meer opletten bij opvoeden? Belangrijk bij opvoeding is het stellen van grenzen. Een jong kind is impulsief en ziet geen gevaar. Door jouw ingrijpen bewaak je de veiligheid van je kind. Maar pas op: in het extreme geval zien we ouders die dan de hele dag roepen: ‘Niet doen! Niet doen! Niet doen!’. Om zich te ontwikkelen heeft je kind naast veiligheid ook experimenteerruimte nodig. Misschien kan je kind best al op dat muurtje klimmen. Stel jezelf de vraag: ‘Is er nu reden om te beperken of kan ik nu best ruimte geven tot experimenteren?’ Grenzen stellen op grond van veiligheid of op grond van wat je kind van jou wel of niet mag. Wees duidelijk in wat jullie grenzen als ouder zijn. Een mooie oefening is de buurtwinkel waar de uitbater snoep op kinderhoogte uitstalt. Een prima plek voor een kind om een scène te beginnen met voortdurend: ik wil, ik wil, ik wil… tot rollen op de grond aan toe. Van je kind houden wil niet zeggen altijd je kind zijn zin geven. Nu geen snoep betekent nu geen snoep, ook al valt dat niet mee met die andere klanten in de winkel. Dat je daar gevoelig voor bent, heeft je kind al gauw door! En dan is het zaak om als opvoeder meesterschap te tonen. Je kunt best eens iets lekkers voor je kind kopen, maar moet dat direct genuttigd worden, soms nog vóór we bij de kassa zijn? Hiermee belanden we bij een levensles: het leren uitstellen van behoeften. Als je iets lekkers voor je kind koopt, is dat een goed moment te leren dat je in het leven nu eenmaal niet alles wat je wilt direct kunt krijgen. Meestal moet je daar je best voor doen, soms kun je het wel verwerven, maar pas later. ‘Je krijgt het als we thuis zijn’. Of: ‘Je mag het als je je jas netjes opgehangen hebt’. Vanzelfsprekend houd je je als ouder aan die afspraak! En als die afspraak om een of andere reden echt niet nagekomen kan worden, leg dan uit waarom niet. Praat. Zo komen we uit op taal. Praten, taal, daar kun je zelfs tijdens de zwangerschap al mee beginnen: praten tegen de baby in de buik. Soms zie je een moeder of vader lange einden met een kind lopen zonder een woord te wisselen. Hoe is dat mogelijk? Praten kunnen ze wel want als ze Frits tegenkomen dan volgt er een ellenlang gesprek (waar het kind zich buiten moet houden). Of ze praten honderduit door hun mobiel het kind als een boodschappentas aan de hand meevoerend. Al pratend over wat je ziet, leert je kind de woorden. ‘Kijk eens, wat een klein hondje’. Het leert oorzaak en gevolg. ‘Hij ziet die andere hond, daarom kwispelt hij met zijn staartje’. Middel en doel. ‘Wat trekt hij aan de riem, hij wil zeker naar die bruine hond’. Taal is nodig om in contact te komen met de ander. Taal is een middel om gevoelens uit te drukken. Om wensen en behoeften kenbaar te maken. Bedenk dat kinderen om en nabij 3000 woorden moeten kennen vóór ze naar groep 1 gaan. Veel migrantenkinderen komen met een te lichte bagage van 1000 woorden de school binnen, dat noemen we een achterstand in schools leren. Normaal is dat een kind eind groep 2 zo’n 4000 woorden kent. Als je kind naar school gaat, blijf dan betrokken bij de school en dus bij je kind. De school gaat uit en Anneke rent met een tekening naar moeder/vader. De ouder kijkt er niet eens naar en de tekening verdwijnt gekreukeld in de tas met boodschappen om thuis bij oud papier te verdwijnen. Het kind laat geen werkjes meer zien, het is allemaal niet belangrijk wat het gedaan heeft. Er zijn ook ouders die zogenaamd betrokken zijn. ‘Oh wat móói!!!’ En dat elke keer weer, wat er ook getoond wordt. Maar mijnheer de deskundige wat moeten we dan wel doen? Praat even over het werkje: wat is het? Waarom heb je dat zo gedaan? Zet het thuis ergens te kijk. Dan geef je aandacht en erkenning, je kind voelt zich gewaardeerd en zal zijn best blijven doen. De taak van een ouder in de opvoeding is ambitie bij je kinderen opwekken: het optimale halen uit de mogelijkheden van je kinderen en dat houdt in dat de een naar de havo gaat en de ander wordt met evenveel waardering een kundig vakman. En ambitieus dat moet je zelf ook zijn. Als ouder moet je zelf vóórleven: zelf het goede voorbeeld geven. Je kind moet eerlijk zijn, maar zelf zeg je: ‘Niet tegen papa zeggen, hoor’. Dat is ongeloof-waardig. Ambitie is veel omvattend en begint in een vroeg stadium. Laat al voor en tijdens de zwangerschap alles (roken, alcohol, drugs) achterwege wat de ontwikkeling van je ongeboren kind kan schaden. Prof. Buikhuizen zegt het zo. Het oplopen van achterstand in de ontwikkeling van je kind leidt tot probleemgedrag later, al in de moederschoot wordt de basis voor criminaliteit gelegd. Ambitie houdt in dat je bewust bezig bent met de opvoeding. Dat is een opgave, maar wel een leuke en dankbare opgave. Drs. E.M.J.Muntslag |
Drs. E.M.J.Muntslag is wekelijks te beluisteren op radio RAZO, waarbij thema's als huiselijk geweld, agressie, éénouder gezinnen, huwelijk en scheiding aan de orde komen. Verder lezen of luisteren? www.geweldiginhuis.nl, www.radio-razo.nl.
_________________________________________________
Jennifer Owoo, zorgconsulent: “Bij onze organisatie hebben kortgeleden zo'n 20 mensen een training gekregen in voorlichting geven en signaleren van huiselijk geweld. We hebben allemaal een certificaat gekregen uit handen van de wethouder hier in Zuidoost. Dat was een erg leuk moment, met mensen van de televisie erbij en zo. We zijn optimistisch over het nut van wat we aan het doen zijn.
Binnen de Ghanese gemeenschap is er een behoorlijk taboe op het onderwerp huiselijk geweld. Maar door alle aandacht in de media en door voorlichting begint dit wel minder te worden. Als voorlichtster 'eigen taal' merk ik dat er een enorme interesse is voor een meer geweldloze aanpak van relatie- en opvoedingsproblemen. Ik geef nu enige tijd de cursus "Opvoeden en Zo". Dat zijn zes bijeenkomsten, steeds in het weekend, met ouders waarbij we samen kijken naar verschillende manieren van opvoeden. ‘Hoe vaak geef je je kind een complimentje? Als je straft, leg je dan uit waarom?’ zijn vragen die we met hen bespreken. We vertellen de ouders bijvoorbeeld dat je het kind beter 10 minuten in zijn kamer kan zetten dan te slaan. De volgende bijeenkomst bespreken we dan hoe het gegaan is de afgelopen week. Ouders zijn echt heel blij om te zien hoeveel beter het gaat, als ze onze methodiek toepassen. Dit motiveert mij natuurlijk ook weer enorm."
Jennifer Owoo werkt als zorgconsulent bij het Ouder Kind Centrum (OKC) Klein Gooioord en geeft voorlichting in de eigen taal aan de Ghanese gemeenschap. Meer informatie: 020-555 5837.
_________________________________________________
Linda Grames, journalist en programmamaker: ‘Ik ben betrokken geraakt toen ik als jong meisje in de wijk een man kende die zijn vrouw te lijf ging met een houwer*. De vrouw ging achteraf toch weer naar de man terug. Telkens vroeg ik me af waarom gaat die vrouw niet weg bij haar man? Als kind van 13 zeg je dan: ik had hem al lang verlaten! Mijn moeder liet ons duidelijk merken dat geen enkele man of vrouw elkaar mag mishandelen. Ze zei: "Ik wens het niet voor jullie als je later in een relatie zit. Ik wens ook niet dat één van mijn kinderen de hand opheft tegen zijn partner." Die woorden zijn mij tot vandaag bijgebleven.
Ik begeleid momenteel iemand die in een roes van verliefdheid de verantwoordelijkheid heeft genomen voor twee kinderen die niet voortspruiten uit de relatie. Nu de liefde is bekoeld, staat de relatie tussen beiden onder grote druk. Scheldpartijen en dreigementen zijn aan de orde van de dag. De kinderen ervaren dit als zeer belastend. Ik bemoei me met deze zaak, omdat ik wil dat het tot een goed einde komt. De grote verliefdheid is over, maar de partners houden nog wel van elkaar. Hier speelt het nemen van verantwoordelijkheid een grote rol. Door de druk om de zorg en de onzekerheid gaan mensen soms de fout in. Daar waar een fout hersteld kan worden, moet eraan gewerkt worden om herhaling te voorkomen.
Huiselijk geweld betekent voor mij een situatie waarin niemand, maar dan ook niemand zich mag bevinden. Het kan en mag niet dat een mens een ander mens overheerst, mishandelt, onjuist bejegent en kleineert. Ik vind het belangrijk om mensen goed voor te lichten over de nadelen van huiselijk geweld. Er valt geen enkel voordeel te behalen. Alleen slachtoffers.
Linda Grames is oprichter en voorzitter van de stichting WILIMI die zich bezig houdt met het empoweren van partners en hun gezin. Zij heeft diverse verschillende radioprogramma’s gemaakt over huiselijk geweld. Meer informatie: www.wilimi.4t.com
* kapmes
_________________________________________________
Lisa Blijd (16), scholier: ‘Laatst werd er bij ons op school een debat georganiseerd dat ging over de vraag of je thuis wel eens geslagen wordt. Deelnemers werden gevraagd zich te verdelen in twee groepen. Opvallend was dat de groep die thuis wel eens geslagen werd ruim 50% was en voor het overgrote deel bestond uit allochtone leerlingen. We hebben gedebatteerd en het bleek dat lang niet alle kinderen het erg vonden thuis wel eens een klap te krijgen.
Maar het standpunt dat zelfs een pedagogische tik te veel is, werd ook veel gehoord. Aan het eind van het debat werd de groep weer verdeeld in de ruimte en kon je ook in het midden gaan staan als je vond dat je mening was verschoven. En inderdaad: er stonden nu veel meer deelnemers in het midden.
Door dit debat werd mijn interesse gewekt voor het onderwerp en toen ik uitgenodigd werd in het panel te zitten tijdens het symposium Ouder en Kind in het VEC heb ik daar ja op gezegd. Ik vond die dag heel erg goed. Vooral de presentatie van de heer Muntslag, met heel pakkende voorbeelden. Dingen die ik daar gehoord heb, gaan toch in je achterhoofd zitten. Ik denk dat ik daar later, als ik zelf moeder ben, wel wat aan kan hebben. Ook kan ik misschien wel dingen gebruiken in de relatie met mijn eigen ouders. Ik zou anderen wel willen aanraden ook eens naar zo'n bijeenkomst te gaan, om zelf te ervaren of ze het iets vinden.
Lisa Blijd zit in de 4 klas van het VWO.
_________________________________________________
Lucy Gooswit, voorzitter van Vrouwen Media Netwerk: ”Ik ben in vanaf de jaren 80 bezig met dit onderwerp. Ik had een collega, Hilly Akswijk. Zij was eigenlijk de 'godmother' van Zuidoost. Het was een vrouw met veel 'guts', die bijvoorbeeld verslaafde kinderen opzocht in een garage terwijl de kogels om haar heen floten. Het was een bijzondere vrouw en ze kreeg heel veel voor elkaar om geweld in gezinnen te laten stoppen. Hilly Akswijk stond aan de basis van de vrouwenbeweging in Zuidoost. Ze was en is een voorbeeld voor me. Vanaf die tijd ben ik betrokken geraakt bij de aanpak van huiselijk geweld. Ik heb zoveel gewelddadigheden gezien, gevechten op straat tussen partners, een man die zijn vrouw sloeg met een riem, te veel om op te noemen. Ik wilde daar iets aan doen. Ik sprak veel met vrouwen die in problemen zaten, ik probeerde te adviseren. Het enige wat je had in die tijd was de politie. Ik was dan ook heel blij toe het eerste Steunpunt Huiselijk Geweld er kwam in Zuidoost.
In 2005 organiseerde ik met anderen een bijeenkomst over huiselijk geweld, hier in het VEC. Er was een enorme belangstelling, ook vanuit de mannelijke bewoners van Zuidoost. Zo ben ik verder gegaan, met radio uitzendingen en Actionlearning. Dat is een trainingstraject om vrouwen te empoweren en te helpen met het verwerken van slechte ervaringen. Dat project breidde zich uit als een olie vlek.
Als je het vergelijkt met vroeger zijn we reuze opgeschoten met dit onderwerp. Dat blijkt uit hoeveel erover gesproken wordt, dat we er nu echt iets aan doen met z'n allen, dat je ziet dat iedereen het oppakt. Het onderwerp wordt meer en meer bespreekbaar. Het stadsdeel is echt een stuk opgeschoten met het op gang brengen van de dialoog rond huiselijk geweld.”
Lucy Gooswit is voorzitter van Vrouwen Media Netwerk, een stichting die de zelfredzaamheid en deelname aan maatschappelijke activiteiten van vrouwen in Zuidoost wil verhogen.